Vorig jaar maakte ik een reis naar Bali waar ik schetsen heb gemaakt en diep onder de indruk raakte van alle hindoeïstische rituelen die ik zag. De vanzelfsprekendheid waarmee spiritualiteit door het dagelijks leven stroomde fascineerde mij en was reden om dit beeld te willen maken. Het is een herinnering aan al die indrukwekkende optochten die ik meemaakte, de rituelen, het onvoorwaardelijk willen geven, de dankoffers die naar de tempel worden gedragen, de dagelijkse dankbaarheid voor het leven en de innemende vriendelijkheid van de mensen die ik ontmoette. Verinnerlijking van de hoogste offergaven en het besef dat er meer is tussen hemel en aarde is een kostbaar goed.

Maar hoe vang je het onzichtbare in materie? Dat heeft mij lang bezig gehouden, het was een zoektocht. In de hindoeïstische traditie leerde ik dat geven geen handeling is van bezit of materie, maar een uitdrukking van verbinding. Alles wat we ontvangen, geven we in een andere vorm weer door.

Dat besef wilde ik proberen te vangen in brons – een moment van openheid, een beweging van de ziel. Het beeld toont geen groot gebaar, ik heb er voor gekozen haar handen leeg te laten, het ging me vooral om die zachte overgave aan het immateriële. De handen, het lichaam, de houding – ze dragen het stille weten dat geven en ontvangen één zijn. De ogen gesloten, de blik naar binnen gekeerd.

Onder haar voeten heb ik een mandala gelegd. De mandala heeft zijn oorsprong in het hindoeïsme en wordt later ook in het boeddhisme gebruikt. Deze heilige cirkel staat symbool voor de oneindigheid van het universum en wordt vaak gebruikt bij meditaties.

Voor mij gaat dit werk over de innerlijke rust die ontstaat als je je laat leiden door dienstbaarheid in plaats van verlangen. Over de dankbaarheid die groeit wanneer je ziet dat niets echt van ons is, behalve de liefde die we durven doorgeven.

'The Spirit of Giving' is mijn eerbetoon aan dat besef: dat we pas werkelijk rijk worden wanneer we leren te delen.